ECLI:NL:RBSGR:2002:AE7970
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing maatregel bewaring wegens onterechte toepassing bij Angolese vreemdeling
De zaak betreft een beroep tegen de maatregel van bewaring opgelegd aan een Angolese vreemdeling zonder rechtmatig verblijf in Nederland, met het oog op uitzetting. De maatregel werd opgelegd nadat eiser een negatieve beschikking op zijn asielaanvraag ontving en zich weigerde te verwijderen uit het Aanmeldcentrum.
De rechtbank beoordeelde of de bewaring in overeenstemming was met de wet en of deze redelijk was bij belangenafweging. Verweerder stelde dat eiser meerderjarig was en dat toetsing aan het beleid voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv) niet nodig was. De rechtbank volgde dit niet en oordeelde dat verweerder alsnog ambtshalve moest beslissen op de mogelijke aanspraak van eiser op een amv-verblijfsvergunning.
Verder concludeerde de rechtbank dat de onthouding van schorsende werking aan het bezwaarschrift niet van toepassing was, omdat de aanspraak op een amv-verblijfsvergunning zich niet in de bezwaarfase bevindt. Verweerder kon niet aangeven wanneer op deze aanspraak beslist zou worden, terwijl hij dit zelf in de hand heeft.
Bij afweging van alle belangen oordeelde de rechtbank dat de maatregel van bewaring onterecht was opgelegd. Het beroep werd gegrond verklaard, de bewaring per 2 augustus 2002 opgeheven en een schadevergoeding van €1.750,- toegekend voor de onterecht doorgebrachte dagen in bewaring. Tevens werden proceskosten van €322,- aan verweerder opgelegd.
Uitkomst: De maatregel van bewaring is opgeheven en eiser krijgt een schadevergoeding van €1.750,- toegekend.