ECLI:NL:RBSGR:2002:AF1290
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering verblijfsvergunning aan Guinese alleenstaande minderjarige vreemdeling
Eiser, een Guinese asielzoeker en alleenstaande minderjarige vreemdeling, verzocht om een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd. Verweerder weigerde deze vergunning ambtshalve, stellende dat eiser zich zelfstandig staande kan houden en geen aanspraak kan maken op het beleid voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv).
De rechtbank oordeelt dat het besluit onvoldoende gemotiveerd is, maar dat eiser geen bezwaar heeft gemaakt tegen de ambtshalve weigering, waardoor het beroep niet-ontvankelijk is voor dat deel. De rechtbank beoordeelt vervolgens de overige gronden en concludeert dat eiser niet voldoet aan de criteria voor vluchtelingenstatus, onvoldoende concreet bewijs levert van persoonlijke vervolgingsgevaar, en niet aannemelijk maakt dat hij slachtoffer is van traumatische ervaringen die terugkeer onmogelijk maken.
Ook wordt vastgesteld dat eiser niet voldoet aan het zelfstandigheidscriterium voor amv-beleid, mede gelet op zijn leeftijd en omstandigheden in Guinee. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard voor zover het ziet op de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank wijst het beroep af en veroordeelt partijen niet in proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt afgewezen; eiser krijgt geen verblijfsvergunning wegens onvoldoende bewijs van vluchtelingenstatus en zelfstandigheid.