ECLI:NL:RBSGR:2002:AF2367
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning machtiging voorlopig verblijf ondanks tijdelijke inkomensdaling zelfstandige
Eiseres, gehuwd met een zelfstandige ondernemer (referent), verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in Nederland. De aanvraag werd aanvankelijk afgewezen vanwege een negatief bedrijfsresultaat in het eerste halfjaar van 2001. De rechtbank beoordeelde of de referent duurzaam en zelfstandig over voldoende middelen van bestaan beschikte, zoals vereist in de Vreemdelingenwet 2000 en het Vreemdelingenbesluit 2000.
De rechtbank concludeerde dat de referent over een langere periode dan het vereiste anderhalf jaar voldoende inkomsten had, waarbij de tijdelijke terugval in 2001 het gevolg was van een noodzakelijke verbouwing van het bedrijf. Deze terugval werd niet gezien als een structureel probleem dat de levensvatbaarheid van het bedrijf bedreigt. De rechtbank verwierp het standpunt van verweerder dat de verbouwing een vrije keuze was en dat daardoor niet aan de eisen werd voldaan.
Gelet op deze feiten en de beleidsregels omtrent duurzaamheid van middelen van bestaan, oordeelde de rechtbank dat het bestreden besluit in strijd was met de Algemene wet bestuursrecht en vernietigde het. Verweerder werd opgedragen een nieuw besluit te nemen, rekening houdend met deze uitspraak. Tevens werden de proceskosten aan eiseres toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van de machtiging voorlopig verblijf wordt vernietigd.