ECLI:NL:RBSGR:2002:AF7247
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.F.H. Lycklama à Nijeholt
- J.F. Miedema
- A.J. Medze
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing verblijfsvergunning Iraakse asielzoeker met humanitaire gronden
Eiser, een Iraakse nationaliteit dragende asielzoeker, had een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd ontvangen, maar vorderde een vergunning asiel voor bepaalde tijd of op humanitaire gronden. Verweerder betwistte het procesbelang, maar de rechtbank oordeelde dat eiser ontvankelijk was omdat het verkrijgen van een vergunning voor onbepaalde tijd eerder mogelijk is met een asielvergunning.
De rechtbank stelde vast dat verweerder in het bestreden besluit naliet te toetsen of eiser als Chaldeeuwse christen banden heeft met Noord-Irak, terwijl de rechtbank Zwolle hem daartoe had opgedragen. Verweerder baseerde zich op een algemeen ambtsbericht en concludeerde dat Noord-Irak als verblijfsalternatief kan gelden, zonder individuele omstandigheden mee te wegen.
De rechtbank oordeelde dat deze nalatigheid niet acceptabel is en dat het besluit om het bezwaar ongegrond te verklaren niet standhoudt. De rechtbank bepaalde dat verweerder binnen veertien weken opnieuw moet beslissen op het bezwaar, met inachtneming van de opdracht tot toetsing van de banden met Noord-Irak.
Daarnaast veroordeelde de rechtbank verweerder in de proceskosten ten gunste van eiser. Het beroep is voor zover gericht tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning op humanitaire gronden gegrond, voor het overige ongegrond. Tegen deze uitspraak staat geen gewoon rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep is gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen veertien weken opnieuw te beslissen op het bezwaar tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning op humanitaire gronden.