ECLI:NL:RBSGR:2003:AI0058
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning op grond van verbroken gezinsband en driejarenbeleid na invoering Vreemdelingenwet 2000
Eiseres, van Dominicaanse nationaliteit, verblijft sinds 1993 in Nederland en verzocht meerdere malen om een verblijfsvergunning bij haar moeder. Deze aanvragen werden afgewezen omdat de feitelijke gezinsband als verbroken werd beschouwd en de moeder niet over voldoende middelen van bestaan beschikt. Het beroep richt zich mede op het driejarenbeleid, dat na drie jaar procedureverloop gunstiger toelatingsvoorwaarden kan bieden.
De rechtbank overweegt dat het driejarenbeleid na de invoering van de Vreemdelingenwet 2000 geldt, zonder overgangsrecht, en dat verweerder niet mag terugvallen op het oude beleid. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt omdat toezeggingen aan het parlement niet aan individuele vreemdelingen zijn gedaan en het beleid pas na drie jaar aanspraken kan scheppen.
Verder is geen sprake van een bijzondere afhankelijkheidsrelatie die bescherming op grond van artikel 8 EVRM Pro rechtvaardigt. De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en bevestigt de weigering van de verblijfsvergunning.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de verblijfsvergunning bevestigd.