ECLI:NL:RBSGR:2004:AR2270
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.E. Dettmeijer-Vermeulen
- N.B. Verkleij
- J.G.J. Brink
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor meervoudige verkrachting en ontuchtige handelingen op doveninstituut Effatha
De rechtbank 's-Gravenhage heeft verdachte schuldig bevonden aan meerdere ontuchtige handelingen en verkrachtingen gepleegd op een meisje dat samen met hem en mededaders op het doveninstituut Effatha zat. Deze feiten vonden plaats gedurende een langere periode en onder intimidatie van een groep jongens.
Tijdens de terechtzitting met gesloten deuren op 2 september 2004 werd verdachte gehoord en bijgestaan door zijn raadsvrouwe. De rechtbank achtte de bewezenverklaring wettig en overtuigend op basis van de bewijsmiddelen en concludeerde dat verdachte verminderd toerekeningsvatbaar is vanwege zijn zwakbegaafdheid en communicatieproblemen.
De strafmaat werd bepaald rekening houdend met de ernst van de feiten, de persoonlijke omstandigheden van verdachte en het advies van de Raad voor de Kinderbescherming. De rechtbank legde een leerstraf van 80 uur op, met een voorwaardelijke jeugddetentie van vier maanden onder bijzondere voorwaarden, waaronder begeleiding door de jeugdreclassering en het volgen van een behandeling.
Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot betaling van een voorschot van €5.000 aan het slachtoffer wegens immateriële schade. De rechtbank constateerde tevens tekortkomingen in het toezicht op het doveninstituut en benadrukte de kwetsbaarheid van dove jongeren voor seksueel misbruik.
De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer jeugdstrafzaken op 16 september 2004.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een leerstraf van 80 uur en een voorwaardelijke jeugddetentie van vier maanden met bijzondere voorwaarden, en tot betaling van een schadevergoeding van €5.000 aan het slachtoffer.