ECLI:NL:RBSGR:2005:AT9832
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid herstelverzoek Europees octrooi wegens onvoldoende spoed
Eiser heeft een verzoek ingediend tot herstel van een Europees octrooi dat was vervallen door het niet tijdig betalen van de jaartaks. Verweerder verklaarde het verzoek niet-ontvankelijk omdat het niet met de vereiste spoed was ingediend, zoals bepaald in artikel 23 lid 3 van Pro de Rijksoctrooiwet 1995.
De kern van het geschil betrof de vraag of het octrooigemachtigden-kantoor F&J al in december 2002 of uiterlijk 20 maart 2003 op de hoogte was van het verval van het octrooi. Eiser stelde dat de fax met deze kennis pas in april 2003 was ontvangen, maar kon dit niet overtuigend onderbouwen. De rechtbank achtte het aannemelijk dat F&J eerder op de hoogte was en oordeelde dat het verzoek niet spoedig genoeg was ingediend.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht het verzoek niet-ontvankelijk heeft verklaard en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet-ontvankelijk verklaren van het herstelverzoek wordt ongegrond verklaard.