ECLI:NL:RBSGR:2005:AU3684
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.C. de Rijke-Maas
- S.C. Stuldreher
- K.M. Braun
- Rechtspraak.nl
Beoordeling besluit vestiging opvangvoorziening harddrugsgebruikers niet als besluit in zin Awb
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het besluit van 6 januari 2004 van het college van burgemeester en wethouders van Den Haag om een opvangvoorziening voor harddrugsgebruikers te vestigen aan de Van der Vennestraat 85.
De rechtbank oordeelt dat dit besluit geen besluit is in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), omdat het geen publiekrechtelijke rechtshandeling inhoudt die gericht is op rechtsgevolg. De beslissing is een politieke beslissing en leidt niet tot het ontstaan van rechten of plichten.
Eisers stelden dat het besluit wel rechtsgevolg heeft, onder meer omdat het de mogelijkheid schept tot het sluiten van huurovereenkomsten en invloed zou hebben op de ontvankelijkheid van een bouwvergunningaanvraag. De rechtbank verwierp deze stellingen omdat dergelijke bevoegdheden civielrechtelijk worden beheerst en het bezwaar tegen de bouwvergunning zelf openstaat.
De rechtbank bevestigt dat het besluit van 6 januari 2004 geen gedoogverklaring is en geen impliciet rechtsoordeel over het bestemmingsplan inhoudt. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Tegen het besluit van 28 december 2004 tot verlening van de bouwvergunning kunnen wel rechtsmiddelen worden aangewend.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat het besluit van 6 januari 2004 geen besluit is in de zin van artikel 1:3 Awb.