ECLI:NL:RBSGR:2005:AU5186
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onderhoudsplicht vader ondanks conceptie tijdens escortrelatie
De rechtbank 's-Gravenhage heeft op 27 september 2005 geoordeeld over de onderhoudsplicht van een man ten aanzien van een kind dat tijdens de escortrelatie van de moeder is verwekt. Uit DNA-onderzoek bleek met grote zekerheid dat de man de biologische vader is. De man betwistte dit, maar zijn verweer werd verworpen wegens gebrek aan onderbouwing.
De man voerde aan dat vanwege de wijze van conceptie, namelijk tijdens de beroepsmatige uitoefening van de vrouw als escort, hij geen onderhoudsplicht zou hebben. De rechtbank oordeelde dat de wettelijke onderhoudsplicht gebaseerd is op bloedverwantschap en dat de omstandigheden van verwekkingswijze geen rechtvaardigingsgrond vormen om hiervan af te wijken. De vrijwillige gemeenschap met de vrouw impliceert de aanvaarding van de financiële gevolgen.
Verder werd geoordeeld dat, gezien het feit dat partijen nooit in gezinsverband hebben samengeleefd en de vrouw pas na jaren contact opnam, de behoefte van het kind wordt gerelateerd aan het inkomen van de vrouw. De man werd veroordeeld tot een maandelijkse bijdrage van €115 vanaf de datum van het verzoekschrift, met ingang van 1 december 2005 op nihil vanwege zijn pensioen en verminderde draagkracht. Tevens werd hij veroordeeld tot betaling van de kosten van het deskundigenonderzoek.
Uitkomst: De man is veroordeeld tot betaling van kinderalimentatie ondanks dat het kind tijdens de escortrelatie van de moeder is verwekt.