ECLI:NL:RBSGR:2006:AV2494
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Echtscheiding en partneralimentatie bij ontbreken maatschappelijke band met gemeenschappelijk nationaliteitsland
De vrouw en man, gehuwd in Iran, vroegen echtscheiding aan. De vrouw betoogde dat haar werkelijke maatschappelijke band met Iran ontbreekt omdat zij sinds 1994 Iran heeft verlaten, in Frankrijk en Nederland heeft gestudeerd, en haar familie elders woont. De rechtbank stelde vast dat de vrouw inderdaad geen werkelijke maatschappelijke band meer heeft met Iran en dat Nederlands recht van toepassing is op de echtscheiding.
De man voerde verweer en wilde Iraans recht toegepast zien, mede vanwege een huwelijkscontract waarin een bruidsschat van circa €55.000 is opgenomen. De rechtbank verwierp dit verweer en oordeelde dat het huwelijk duurzaam is ontwricht, zodat echtscheiding wordt uitgesproken.
Over de partneralimentatie stelde de vrouw behoefte te hebben aan een bijdrage vanwege studiekosten en woonlasten. De man stelde dat zij zelf in haar onderhoud kan voorzien. De rechtbank vond dat de vrouw met instemming van de man haar studie volgt en dat zij recht heeft op een redelijke bijdrage van €40 per maand. Het verzoek van de man om de termijn van alimentatie te beperken werd afgewezen.
De rechtbank sprak de echtscheiding uit en legde de man op om vanaf inschrijving in de burgerlijke stand maandelijks €40 aan de vrouw te betalen, uitvoerbaar bij voorraad. Het verzoek tot meer of anders werd afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank spreekt echtscheiding uit en legt de man een partneralimentatieverplichting van €40 per maand op zonder termijnbeperking.