ECLI:NL:RBSGR:2006:AZ4504
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van stopzetting financiële verstrekkingen aan asielzoekster wegens inkomsten uit arbeid
Eiseres, een asielzoekster, kreeg financiële verstrekkingen voor haar opvang. Verweerder, het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA), besloot op basis van artikel 20 lid 2 van Pro de Regeling verstrekkingen asielzoekers 2005 om de kosten van haar opvang over de periode juli 2003 tot en met december 2004 als eigen bijdrage in te houden. Dit gebeurde omdat eiseres inkomsten uit arbeid had genoten, wat haar verplichtte tot vergoeding van deze kosten. De rechtbank oordeelt dat deze besluiten publiekrechtelijke rechtsgevolgen hebben en dat de verrekening als accessoire bevoegdheid aan het COA toekomt.
Eiseres voerde aan dat het beroepschrift als bezwaarschrift moet worden gezien en dat het bedrag te hoog is omdat zij minder salaris ontving dan vermeld op loonstroken en wegens zwangerschapsverlof. De rechtbank verwierp deze bezwaren omdat eiseres onvoldoende bewijs leverde en deze gronden niet in de bezwaarfase waren ingebracht. Tevens stelde eiseres dat geen beslagvrije voet werd gehanteerd, maar de rechtbank constateerde dat gedeeltelijke verstrekkingen en opvang werden voortgezet, wat feitelijk een beslagvrije voet inhoudt.
De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en dat het COA terecht de financiële verstrekkingen heeft stopgezet en de kosten heeft verrekend. Er zijn geen gronden voor vergoeding van proceskosten of griffierecht. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de stopzetting van financiële verstrekkingen en verrekening van opvangkosten wordt ongegrond verklaard.