ECLI:NL:RBSGR:2006:BE0081
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- T. van Rij
- G.J. van Leijenhorst
- J.J.B. Hulst
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond bij nihil aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen
Eiser exploiteerde samen met zijn echtgenote en dochter een vennootschap onder firma met een schoenwinkel. Na het overlijden van zijn echtgenote in 2001, stelde eiser dat de winst uit onderneming moest worden aangepast vanwege niet verwerkte administratie- en huurkosten en de aanwezigheid van stille reserves.
Verweerder had voor het jaar 2001 een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen vastgesteld op nihil, welke bij bezwaar werd gehandhaafd. Eiser stelde beroep in tegen deze aanslag en vorderde een belastbaar inkomen van f 17.219.
De rechtbank oordeelde dat omdat de aanslag nihil is vastgesteld en de rechter in belastingzaken de aanslag niet kan verhogen, eiser geen belang heeft bij zijn beroep. De door eiser ingenomen standpunten kunnen niet leiden tot een gunstiger resultaat. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 20 september 2006 in het openbaar uitgesproken door de rechtbank 's-Gravenhage.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard omdat de aanslag nihil is vastgesteld en de rechter deze niet kan verhogen.