ECLI:NL:RBSGR:2007:BA1034
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling redelijkheid vrijstelling bouwvergunning ondanks strijd bestemmingsplan
De zaak betreft een beroep tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders om aan een derde partij een bouwvergunning en vrijstelling te verlenen voor een aanbouw aan een woning, ondanks strijd met het bestemmingsplan. Eiseres stelde dat het besluit onzorgvuldig was voorbereid, dat het bouwplan strijdig was met het bestemmingsplan en de eisen van welstand, en dat het advies van de welstandscommissie niet gevolgd had mogen worden.
De rechtbank oordeelde dat het beroepschrift tijdig was ingediend en dat het college een ruime beleidsvrijheid toekomt bij het verlenen van vrijstellingen op grond van artikel 19, derde lid, van de Wet op de ruimtelijke ordening (WRO). De toetsing door de rechtbank is marginaal en richt zich op de redelijkheid van de belangenafweging door het college.
De rechtbank stelde vast dat het college alle betrokken belangen, waaronder het woongenot en de privacy van eiseres, heeft afgewogen en tot de conclusie is gekomen dat de vrijstelling passend is binnen het stedenbouwkundige kader. Er is geen sprake van strijd met redelijke eisen van welstand, en de procedurele klachten van eiseres konden niet worden gehonoreerd omdat zij deze niet tijdig had ingebracht. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de vrijstelling voor de bouwvergunning wordt bevestigd.