ECLI:NL:RBSGR:2007:BA8546
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlening verblijfsvergunning op grond van traumatische mishandeling en humanitaire redenen
Eiser, een Nigeriaanse homoseksueel, verzocht om een verblijfsvergunning op grond van artikel 29 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde dat hij vanwege zijn seksuele geaardheid in Nigeria werd mishandeld, verstoten en gediscrimineerd, waaronder een ernstige mishandeling door militairen waarbij hij fysiek letsel opliep. Verweerder wees de aanvraag af, stellende dat eiser niet voldeed aan de criteria voor vluchtelingenstatus of bescherming tegen onmenselijke behandeling.
De rechtbank oordeelde dat het relaas van eiser geloofwaardig is en dat de mishandeling ernstige gevolgen had, waaronder blijvende lichamelijke schade. Hoewel de algemene situatie in Nigeria niet automatisch leidt tot vluchtelingenstatus voor homoseksuelen, is in dit geval sprake van ernstige mishandeling die valt onder het traumatabeleid. De rechtbank verwierp de argumenten van verweerder dat eiser zich niet tot de autoriteiten had gewend en dat hij elders in Nigeria bescherming kon zoeken.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat verweerder een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze overwegingen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten. Hiermee komt eiser in aanmerking voor een verblijfsvergunning op grond van klemmende humanitaire redenen vanwege de ernstige mishandeling die hij heeft ondergaan.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd vanwege ernstige mishandeling passend binnen het traumatabeleid.