ECLI:NL:RBSGR:2007:BB3534
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid vreemdelingenbewaring en rechtsbijstand bij gehoor
Eisers, beiden van Oekraïense nationaliteit, werden op 22 mei 2007 in vreemdelingenbewaring gesteld en stelden beroep in tegen deze maatregel, stellende dat hen onterecht rechtsbijstand was onthouden bij het gehoor voorafgaand aan de bewaring. De rechtbank onderzocht de processen-verbaal en de verklaring van de verbalisant en concludeerde dat eisers adequaat waren geïnformeerd over hun recht op een advocaat en hier bewust van hebben afgezien.
Eisers werden op 5 juni 2007 uitgezet voordat zij als getuigen konden worden gehoord, wat hun mogelijkheid tot een grondiger feitenonderzoek beperkte. De rechtbank vond echter geen aanwijzingen dat verweerder moedwillig het onderzoek naar de rechtmatigheid van de bewaring heeft belemmerd, aangezien de uitzetting plaatsvond zodra dit mogelijk was en de bewaring gericht is op een zo kort mogelijke detentie.
De rechtbank stelde vast dat de bewaring rechtmatig was en dat de handelwijze van verweerder niet onjuist was. De beroepen werden ongegrond verklaard en de verzoeken om schadevergoeding werden afgewezen. De kwestie van de uitzetting in relatie tot een lopend verzoek tot voorlopige voorziening wordt in een aparte procedure behandeld.
Uitkomst: De beroepen tegen de vreemdelingenbewaring zijn ongegrond verklaard en de verzoeken om schadevergoeding zijn afgewezen.