ECLI:NL:RBSGR:2007:BB6829
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep tegen afwijzing verlenging verblijfsvergunning voortgezet verblijf na mensenhandel
Eiseres, een slachtoffer van mensenhandel uit Uganda, had een verblijfsvergunning op grond van de B9-regeling en verzocht om verlenging onder het verblijfsdoel voortgezet verblijf. Verweerder wees de aanvraag af vanwege het ontbreken van een geldig paspoort en het niet aantonen dat de Ugandese autoriteiten geen paspoort verstrekken. Tevens werd de medische situatie van eiseres als niet relevant voor deze aanvraag beschouwd.
Eiseres stelde dat alle omstandigheden, waaronder medische problemen en haar situatie in Uganda, samenhangen en gezamenlijk beoordeeld moeten worden. Zij overhandigde een artsenverklaring waaruit blijkt dat zij medisch niet in staat is een paspoort aan te vragen bij de ambassade. De rechtbank oordeelde dat het beleid niet uitsluit dat bijzondere en individuele omstandigheden een rol kunnen spelen en dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom geen sprake zou zijn van dergelijke omstandigheden.
De rechtbank concludeerde dat het geheel van omstandigheden, waaronder de medische situatie en de mensenhandelgerelateerde achtergrond, in samenhang beoordeeld moeten worden en dat het paspoortvereiste niet zonder meer kan worden toegepast. Het beroep werd gegrond verklaard, de bestreden beschikking vernietigd en verweerder opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van de overwegingen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de beschikking vernietigd en verweerder wordt opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van de overwegingen.