ECLI:NL:RBSGR:2007:BB8160
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen ontbreken proceskostenveroordeling in belastingzaak
Opposante heeft verzet ingesteld tegen een uitspraak waarbij het beroep gegrond werd verklaard, maar waarin geen veroordeling van verweerder in de proceskosten is opgenomen. De rechtbank overweegt dat de Algemene wet bestuursrecht (Awb) geen specifieke regeling bevat voor verzet gericht op het ontbreken van een proceskostenveroordeling. Daarom moet de doeltreffendheid van dit verzet volledig worden getoetst.
De rechtbank stelt vast dat wanneer een belanghebbende geheel of gedeeltelijk in het gelijk wordt gesteld, de gemaakte kosten in beginsel voor vergoeding in aanmerking komen, tenzij de noodzaak tot beroep uitsluitend voortvloeit uit de handelwijze van de belanghebbende. Opposante werd vertegenwoordigd door een beroepsmatig gemachtigde en er is geen bewijs dat het beroep onnodig was.
De rechtbank veroordeelt daarom verweerder in de proceskosten van opposante ad €483, conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. De bestreden uitspraak blijft verder in stand. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staat tot betaling van €483 aan opposante voor gemaakte proceskosten.