ECLI:NL:RBSGR:2007:BC0745
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.C. Greeuw
- Rechtspraak.nl
Beoordeling financiële toelage aan minderjarige vreemdeling volgens Regeling verstrekkingen bepaalde categorieën vreemdelingen
Eiser, een minderjarige vreemdeling van Ghanese nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen de hoogte van de financiële toelage toegekend door het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) op grond van de Regeling verstrekkingen bepaalde categorieën vreemdelingen (Rvb). De toelage was gebaseerd op artikel 2, eerste lid, aanhef en onder e, juncto artikel 6, tweede lid, aanhef en onder i, Rvb, en bedroeg €216,45 per maand.
Eiser stelde dat de toelage onvoldoende was om in de kosten van voedsel, kleding en wonen te voorzien en dat de regeling daarmee in strijd zou zijn met artikel 27 van Pro het Verdrag inzake de rechten van het kind (IVRK). De rechtbank overwoog dat artikel 27 IVRK Pro geen direct toepasbare norm bevat voor de rechter en dat nadere uitwerking in nationale wetgeving vereist is. De Rvb vormt een uitputtende regeling die voorziet in de noodzakelijke bestaansmiddelen, maar niet in woonkosten.
De rechtbank concludeerde dat verweerder de regeling correct heeft toegepast en dat het beroep ongegrond is. Er is geen aanleiding om partijen te veroordelen in proceskosten. De uitspraak bevestigt dat de financiële toelage conform de wettelijke regeling is toegekend en dat het beroep op het IVRK-artikel niet slaagt vanwege het ontbreken van directe werking.
Uitkomst: Het beroep tegen de hoogte van de financiële toelage is ongegrond verklaard en de toegekende toelage conform de Rvb is bevestigd.