ECLI:NL:RBSGR:2007:BC6302
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtmatigheid uitspraak bezwaar en gebruikersbelasting WOZ-object met woon- en winkelgedeelte
Eiser betwist de rechtmatigheid van de uitspraak op bezwaar tegen de WOZ-waardering en de aanslag gebruikersbelasting voor een pand met woon- en winkelgedeelte. Hij stelt dat de uitspraak nietig is, dat hij geen gebruiker is van het pand en dat hij recht heeft op vergoeding van kosten in de bezwaarfase.
De rechtbank oordeelt dat de uitspraak op bezwaar rechtmatig is gedaan door een bevoegde functionaris en dat eiser als eigenaar en gebruiker van het pand terecht is aangeslagen voor de gebruikersbelasting, mede gelet op het feit dat het pand feitelijk door twee gebruikers wordt gebruikt: de zoon bewoont het woongedeelte en de echtgenote van eiser de winkelruimte.
Verder wordt de waarde van het pand op de waardepeildatum vastgesteld op basis van een taxatierapport dat voldoende vergelijkingsobjecten bevat en rekening houdt met onderhoudstoestand. De door eiser aangevoerde waardeverminderingen wegens bodemverontreiniging, vuurwerkopslag en overlast worden niet aannemelijk geacht.
De uitspraak op bezwaar wordt vernietigd omdat de aanslagen onjuist zijn verminderd, maar de aanslagen zelf worden gehandhaafd. De rechtbank gelast vergoeding van het betaalde griffierecht aan eiser, maar wijst vergoeding van kosten van het VEH-rapport af.
Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het gerechtshof te ’s-Gravenhage.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak op bezwaar wordt vernietigd, de aanslagen worden gehandhaafd en het griffierecht wordt aan eiser vergoed.