ECLI:NL:RBSGR:2007:BI8258
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde voormalige boerderij met twee zelfstandige wooneenheden
Eiser betwist de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van een voormalige boerderij die is verbouwd tot twee zelfstandige wooneenheden, met een waardepeildatum van 1 januari 2003 voor het tijdvak 2005-2007. Eiser stelt dat de woning onjuist is getaxeerd als vrijstaande woonboerderij en voert aan dat de vergelijkingsmethode onjuist is toegepast, mede vanwege de agrarische bestemming en waardedrukkende factoren zoals het ontbreken van aansluiting op aardgas en riolering.
Verweerder heeft een taxatierapport overgelegd waarin de woning is getaxeerd op € 442.000, gebruikmakend van vergelijkingsobjecten waaronder twee-onder-een-kapwoningen en vrijstaande woningen. De rechtbank oordeelt dat verweerder voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de waarde niet te hoog is vastgesteld, waarbij rekening is gehouden met verschillen in type, woonoppervlakte en grondoppervlakte.
Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt omdat niet is aangetoond dat vergelijkbare agrarische boerderijen onjuist zijn gewaardeerd of dat er sprake is van een begunstigend beleid. Ook het beroep op eerdere waardepeildata wordt verworpen omdat de WOZ-waarde per tijdvak opnieuw wordt vastgesteld op basis van actuele marktgegevens.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, maar gelast de gemeente het door eiser betaalde griffierecht te vergoeden vanwege de summiere motivering van de uitspraak op bezwaar. De uitspraak is op 11 juli 2007 in het openbaar gedaan.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde wordt ongegrond verklaard en het griffierecht wordt vergoed.