ECLI:NL:RBSGR:2008:BC6363
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.M. Overbeeke
- R.M.H. Pennings
- C. van Linschoten
- Rechtspraak.nl
Weigering verlenging verblijfsvergunning Marokkaanse werknemer wegens arbeidsmarktbelang en schending hoorplicht
Eiser, een Marokkaanse werknemer, verzocht om verlenging van zijn verblijfsvergunning voor arbeid in loondienst. Verweerder wees dit af op grond van het ontbreken van een wezenlijk Nederlands arbeidsmarktbelang, gebaseerd op een arbeidsmarktadvies van het CWI. Tevens werd gesteld dat de toepasselijke internationale verdragen, waaronder artikel 64 van Pro de Associatieovereenkomst met Marokko, geen recht op verlenging geven.
Eiser stelde dat het besluit in strijd was met het non-discriminatieverbod van artikel 64 van Pro de Associatieovereenkomst en dat de hoorplicht was geschonden omdat het CWI-advies niet tijdig aan hem was verstrekt, waardoor hij niet inhoudelijk kon reageren. De rechtbank oordeelde dat artikel 64 van Pro de Associatieovereenkomst niet verbiedt om verlenging te weigeren wanneer de oorspronkelijke reden van verlening is vervallen.
De rechtbank stelde vast dat verweerder onzorgvuldig had gehandeld door het CWI-advies pas bij de beslissing op bezwaar aan eiser te verstrekken, waardoor de hoorplicht was geschonden. Dit maakte het beroep gegrond. Omdat eiser echter geen inhoudelijke argumenten tegen het CWI-advies had ingebracht, liet de rechtbank de rechtsgevolgen van het besluit in stand.
De rechtbank veroordeelde verweerder tot betaling van proceskosten en griffierecht aan eiser. De uitspraak benadrukt het belang van zorgvuldige besluitvorming en het naleven van de hoorplicht, ook bij besluiten over vreemdelingenrecht en arbeidsmarkttoetsing.
Uitkomst: Beroep gegrond wegens schending hoorplicht, besluit vernietigd maar rechtsgevolgen in stand gelaten en proceskosten toegekend.