ECLI:NL:RBSGR:2008:BC8960
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling herziening WAO-uitkering en beleid herbeoordelingen arbeidsongeschiktheidswetten
Eiser betwistte de herziening van zijn WAO-uitkering per 21 november 2005, waarbij zijn arbeidsongeschiktheidspercentage werd vastgesteld op 15 tot 25%. Hij voerde aan dat het beleid van verweerder, dat vooruitloopt op nieuwe wetgeving, ongerechtvaardigde verschillen veroorzaakt binnen de groep WAO-gerechtigden van 45 tot 50 jaar. Dit beleid houdt in dat personen die vóór 22 februari 2007 zijn herbeoordeeld op basis van het aangepaste Schattingsbesluit ambtshalve opnieuw worden herbeoordeeld op basis van het oude Schattingsbesluit, met mogelijke terugwerkende kracht.
De rechtbank oordeelde dat dit beleid niet van toepassing was op de herbeoordeling van eiser, die vóór 22 februari 2007 plaatsvond. De stelling dat verweerder ongerechtvaardigd onderscheid maakt, kon daarom niet slagen. Tevens werd geoordeeld dat het moment van herbeoordeling binnen de groep inherent kan verschillen en dat dit niet automatisch willekeur impliceert. De medische beoordeling door verzekeringsartsen werd als zorgvuldig en voldoende onderbouwd beschouwd, waarbij de beperkingen van eiser passend waren vastgelegd in de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML).
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht de uitkering van eiser had herzien op basis van de geduide functies en het verlies aan verdiencapaciteit van 24,9%. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de herziening van zijn WAO-uitkering is ongegrond verklaard.