ECLI:NL:RBSGR:2008:BD0943
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- C. van Linschoten
- A.W.M. van Hoof
- A.M. Overbeeke
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang bij trage besluitvorming verblijfsvergunning
Eisers hebben op 18 januari 1999 asiel aangevraagd. Na een lange procedure verleende verweerder bij besluiten van 25 september 2006 met terugwerkende kracht verblijfsvergunningen op grond van artikel 29, lid 1, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. Eisers stelden dat zij schade hadden geleden door de trage besluitvorming en dat verweerder onzorgvuldig had gehandeld door hier geen navraag naar te doen.
Het beroep was niet gericht tegen de ingangsdatum van de vergunningen en strekte niet tot vernietiging van de besluiten, maar tot vergoeding van de door de lange procedure veroorzaakte schade. De rechtbank oordeelde dat eisers door het beroep niet in een gunstiger positie konden komen, zodat het beroep ontbrak aan procesbelang en niet-ontvankelijk moest worden verklaard.
Het aanvullend beroepschrift werd aangemerkt als een aanvraag om een zelfstandig schadebesluit en doorgezonden naar verweerder. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk en zond het verzoek om schadevergoeding door aan verweerder.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang en het verzoek om schadevergoeding wordt doorgezonden naar verweerder.