ECLI:NL:RBSGR:2008:BD2704
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering vergrijpboete grondwaterbelasting wegens termijnoverschrijding en matiging
Eiseres, houder van een inrichting die grondwater onttrekt, heeft de verschuldigde grondwaterbelasting over 1999-2004 niet aangegeven of betaald. Verweerder legde een naheffingsaanslag en een vergrijpboete van 50% op.
De rechtbank oordeelt dat de vergrijpboete over 1999 niet rechtsgeldig is opgelegd vanwege het verstrijken van de wettelijke termijn van vijf jaar, ondanks dat eiseres afstand deed van haar recht op termijnverstriking. Voor 2000-2004 is vastgesteld dat eiseres bekend had moeten zijn met haar belastingplicht en dat er geen sprake is van verontschuldigbare rechtsdwaling. Verweerder heeft aannemelijk gemaakt dat het niet betalen te wijten is aan voorwaardelijke opzet van eiseres.
De rechtbank vindt de boete over 2000-2004 echter niet in verhouding tot de ernst van het feit en matigt deze van €253.324 naar €130.000. Daarnaast is de redelijke termijn voor berechting overschreden, wat leidt tot verdere matiging tot €117.000. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt de boete over 1999, vermindert de boete over 2000-2004 en veroordeelt verweerder in proceskosten.
Uitkomst: De vergrijpboete over 1999 wordt vernietigd en de boete over 2000-2004 wordt gematigd tot €117.000.