ECLI:NL:RBSGR:2008:BD3051
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortduren vreemdelingenbewaring en zicht op uitzetting van Chinese vreemdeling
Eiseres, een Chinese vreemdeling zonder rechtmatig verblijf in Nederland, stelde beroep in tegen het voortduren van haar bewaring en verzocht tevens om schadevergoeding. De rechtbank behandelde het beroep en oordeelde dat eiseres onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij voldoende pogingen heeft ondernomen om documenten te verkrijgen die noodzakelijk zijn voor haar uitzetting.
Hoewel in 2007 de Chinese autoriteiten slechts in beperkte gevallen reisdocumenten verstrekten aan gedocumenteerde vreemdelingen, betekent dit niet dat zij niet bereid zijn documenten te verstrekken aan vreemdelingen die volledige en juiste informatie verstrekken en het onderzoek niet frustreren. Eiseres heeft slechts een enkele poging gedaan, namelijk het bellen van de Chinese ambassade in februari 2008, wat onvoldoende is.
Verweerder stelde dat eiseres niet de vereiste actieve medewerking verleent. De rechtbank vond dit aannemelijk en concludeerde dat het niet aannemelijk is dat eiseres niet over documenten beschikt die haar uitzetting mogelijk maken. Daarom is het beroep ongegrond verklaard en is het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
De rechtbank erkende dat verweerder eerder onjuiste informatie had verstrekt over uitzettingen van Chinese vreemdelingen, maar vond dit onvoldoende reden om de bewaring op te heffen. Er was geen bewijs van bewust onjuiste informatieverstrekking. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de vreemdelingenbewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.