ECLI:NL:RBSGR:2008:BD9374
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van dividendbelastingheffing op Amerikaanse moedervennootschap onder toepassing van artikel 56 en 57 EG-Verdrag
Eiseres, een Amerikaanse moedervennootschap binnen het Edison International concern, maakte bezwaar tegen de inhouding van dividendbelasting over een dividenduitkering van haar Nederlandse dochtervennootschap [X] B.V. De kern van het geschil betrof de vraag of de inhouding in strijd was met het vrije kapitaalverkeer zoals beschermd door artikel 56 van Pro het EG-Verdrag.
De rechtbank overwoog dat hoewel artikel 56 EG Pro beperkingen op kapitaalverkeer verbiedt, deze bepaling wordt beperkt door de standstill-bepaling van artikel 57 EG Pro, die bestaande nationale beperkingen op directe investeringen in derde landen toestaat. De rechtbank concludeerde dat eiseres en haar dochtervennootschap een schakelfunctie vervullen binnen het concern en dat hun aandelenbezit kwalificeert als directe investering, waardoor de standstill-bepaling van toepassing is.
De stelling van eiseres dat zij slechts een portefeuillebelegging hield en geen invloed uitoefende op het bestuur werd verworpen. Ook werd geoordeeld dat de Nederlandse wetgeving niet onrechtmatig discrimineert, omdat de vrijstelling van dividendbelasting niet van toepassing is op Amerikaanse moedervennootschappen. Het beroep tegen de inhouding van dividendbelasting werd daarom ongegrond verklaard, terwijl het beroep tegen het niet tijdig doen van uitspraak op bezwaar gegrond werd verklaard. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep tegen de inhouding van dividendbelasting wordt ongegrond verklaard, terwijl het beroep tegen het niet tijdig doen van uitspraak op bezwaar gegrond is.