ECLI:NL:RBSGR:2008:BE6956
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- S.L. Donker
- H.J. van Kooten
- R. Brand
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor medeplegen moord en lijkverbergen met excessief geweld
Op 25 november 2006 werd het lichaam van het slachtoffer aangetroffen in een sloot te 's-Gravenhage, gewikkeld in een deken en met een plastic zak om het hoofd. Verdachte en zijn vriendin waren huurders in de woning van het slachtoffer. Uit het obductieverslag bleek dat het slachtoffer ernstig letsel had opgelopen door slagen met een hamer en meerdere steekwonden met een mes, wat leidde tot de dood.
Verdachte heeft bekend het slachtoffer meerdere malen met een mes te hebben gestoken en het lichaam samen met zijn vriendin te hebben verpakt en gedumpt. De rechtbank acht bewezen dat verdachte en zijn medeverdachte het slachtoffer met voorbedachte raad hebben omgebracht en het lijk hebben verborgen met het oogmerk het misdrijf te verbergen.
De verdediging voerde noodweer aan, maar dit werd verworpen omdat het letsel en de omstandigheden wijzen op excessief geweld en een gepland handelen. De rechtbank hield rekening met het gebrek aan respect voor het slachtoffer en de nabestaanden, het betrekken van de vriendin bij het geweld en het wegnemen van spullen van het slachtoffer.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van 13 jaar, met aftrek van de tijd in voorarrest, lager dan de eis van 18 jaar, omdat niet bewezen werd dat verdachte voorbereidingshandelingen had verricht. De straf weerspiegelt de ernst van het misdrijf en de maatschappelijke impact.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 13 jaar gevangenisstraf voor medeplegen van moord en het verbergen van het lijk.