ECLI:NL:RBSGR:2008:BE6980
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- S.L. Donker
- H.J. van Kooten
- R. Brand
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot zeven jaar gevangenisstraf voor medeplegen moord en lijkverbergen
Op 25 november 2006 werd het stoffelijk overschot van de huisbaas gevonden in een sloot te 's-Gravenhage, gewikkeld in een deken en met een plastic zak om het hoofd. Verdachte en haar vriend, medeverdachte, huurden een kamer in het huis van het slachtoffer. Uit forensisch onderzoek bleek dat het slachtoffer was overleden aan een combinatie van ernstig bloedverlies en traumatische hersenbeschadigingen.
Verdachte verklaarde dat zij wakker werd van geschreeuw, haar vriend zag slaan met een hamer en op zijn verzoek een mes probeerde te halen, maar in plaats daarvan een hamer aanreikte die werd gebruikt om het slachtoffer te slaan. Vervolgens hielp zij het lichaam inpakken en in een klikobak naar buiten dragen, waarna het in het water werd gedumpt.
De rechtbank achtte bewezen dat verdachte medepleegde aan de moord en het verbergen van het lijk met het oogmerk het misdrijf te verhullen. Hoewel zij minder aandeel had dan haar medeverdachte, droeg zij bewust bij aan het geweld. Haar beroep op psychische overmacht werd verworpen omdat zij redelijkerwijs weerstand had kunnen bieden.
De rechtbank hield rekening met haar verminderd toerekeningsvatbaarheid en het ontbreken van bewijs voor voorbereidingshandelingen die haar verwijt zouden verzwaard hebben. De straf werd vastgesteld op zeven jaar gevangenisstraf, met aftrek van de tijd in voorarrest.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot zeven jaar gevangenisstraf voor medeplegen van moord en het verbergen van het lijk.