ECLI:NL:RBSGR:2008:BF5701
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- H.C. Greeuw
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd wegens onjuiste toepassing herhaalde aanvraag
Verzoeker diende op 8 september 2008 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door verweerder werd afgewezen. Verzoeker stelde beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen. De rechtbank hield op 23 september 2008 zitting en oordeelde dat de aanvraag ten onrechte als herhaalde aanvraag was aangemerkt op grond van artikel 4:6 Awb Pro, omdat de eerdere aanvraag betrekking had op een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd.
De rechtbank overwoog dat verweerder de aanvraag inhoudelijk had moeten beoordelen en dat het beroep op artikel 15 van Pro de Europese Richtlijn 2004/83/EG niet reeds kon worden afgewezen zonder inhoudelijke toetsing. De rechtbank stelde vast dat het bestreden besluit ondeugdelijk was gemotiveerd en vernietigde het besluit. Tevens wees zij het verzoek om voorlopige voorziening af omdat in de hoofdzaak werd beslist.
Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten. Partijen werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen een week na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot afwijzing van de aanvraag verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.