ECLI:NL:RBSGR:2008:BF8900
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Teruggeleiding minderjarige naar Engeland wegens ongeoorloofde internationale kinderontvoering
De zaak betreft een verzoek van de Engelse Centrale Autoriteit tot teruggeleiding van een minderjarige die zonder toestemming van de vader in Nederland wordt vastgehouden. De ouders oefenen gezamenlijk het gezag uit en de minderjarige had zijn gewone verblijfplaats in Engeland tot juni 2007.
De moeder betwist het verzoek en stelt dat de vader instemde met het vertrek naar Nederland, terwijl de vader dit ontkent. De rechtbank concludeert dat de achterhouding in Nederland ongeoorloofd is omdat geen toestemming van de vader is gegeven voor de wijziging van de woonplaats.
De moeder voerde een uitzondering aan op grond van artikel 13 lid 1 sub b van Pro het Haags Verdrag wegens verwaarlozing, maar dit werd onvoldoende onderbouwd. De rechtbank bepaalt dat de terugkeer uiterlijk op 21 juli 2008 moet plaatsvinden, na afloop van het schooljaar, en dat de moeder samen met de minderjarige zal terugkeren.
Uitkomst: De rechtbank gelast de onmiddellijke terugkeer van de minderjarige naar Engeland uiterlijk op 21 juli 2008.