ECLI:NL:RBSGR:2008:BG5669
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- L. de Loor-Alwin
- J.M. Vink
- S. Verheijen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verzuimboete wegens niet tijdig indienen aangifte inkomstenbelasting 2004
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde het beroep van eiser tegen een verzuimboete van €113 wegens het niet tijdig indienen van de aangifte inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen 2004. Eiser stelde dat de schuld bij zijn voormalige administratiekantoor lag, dat zijn werkzaamheden niet goed had uitgevoerd.
De rechtbank oordeelde dat voor het opleggen van een verzuimboete op grond van artikel 67a AWR geen opzet of schuld vereist is, waardoor het niet relevant is aan wie de schuld kan worden toegerekend. Eiser had de post van de Belastingdienst ontvangen en had daarmee de mogelijkheid om de werkzaamheden van zijn administratiekantoor te controleren, wat hij niet heeft gedaan.
Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat de vernietiging van een soortgelijke boete over 2005 niet automatisch vertrouwen schept voor de boete over 2004. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en legde geen proceskostenveroordeling op.
Uitkomst: Het beroep tegen de verzuimboete wegens niet tijdig indienen van de aangifte inkomstenbelasting 2004 wordt ongegrond verklaard.