ECLI:NL:RBSGR:2008:BH3533
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen vrijheidsontnemende maatregel wegens zicht op uitzetting Somalische vreemdeling
Eiser, een Somalische vreemdeling in detentie, stelde beroep in tegen de oplegging van een vrijheidsontnemende maatregel wegens het ontbreken van zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn. Verweerder voerde aan dat uitzetting naar relatief veilige gebieden in Somalië mogelijk is en verwees naar een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De rechtbank overwoog dat ondanks het bewerkelijke traject van verwijdering, er geen beleidsmatige belemmeringen bestaan voor uitzetting naar Somalië en dat ook uitzettingen naar andere landen plaatsvinden. Eiser had geen feiten gesteld die het ontbreken van zicht op uitzetting aannemelijk maken. De rechtbank wees erop dat verweerder bij een eventueel vervolgberoep nader inzicht moet geven in het uitzettingstraject en de termijn.
Uiteindelijk oordeelde de rechtbank dat de vrijheidsontnemende maatregel rechtmatig is en in redelijkheid gerechtvaardigd, en verklaarde het beroep ongegrond. Het verzoek om schadevergoeding werd eveneens afgewezen.
Uitkomst: Beroep tegen vrijheidsontnemende maatregel wordt ongegrond verklaard wegens voldoende zicht op uitzetting binnen redelijke termijn.