ECLI:NL:RBSGR:2008:BN7759
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- L. de Loor-Alwin
- T. van Rij
- K.M. Braun
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond op naheffingsaanslag grondwaterbelasting wegens overschrijding vergunning
Eiseres, houder van een vergunning voor het gebruik van grondwater voor verwarming van een appartementencomplex, heeft in de jaren 2001 tot en met 2004 meer grondwater onttrokken en teruggevoerd dan in de vergunning was toegestaan. Verweerder legde een naheffingsaanslag en een verzuimboete op wegens deze overschrijding.
Eiseres voerde aan dat de overschrijding viel onder de vrijstelling voor retourbemaling zoals bedoeld in artikel 8, aanhef en onder g, van de Wet belastingen op milieugrondslag (Wbm), en dat het vertrouwensbeginsel van toepassing was vanwege de wijze van aangifte en het niet-handhaven door Gedeputeerde Staten en het openbaar ministerie. De rechtbank oordeelde dat de vrijstelling alleen geldt binnen de vergunde hoeveelheid en dat de overschrijding buiten deze reikwijdte valt.
Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat de voorlichting op het aangiftebiljet niet de door eiseres voorgestane interpretatie ondersteunde en er geen handelen of nalaten van verweerder was dat redelijkerwijs vertrouwen kon wekken dat geen naheffing zou volgen. Ook het niet-handhaven door andere instanties kon daaraan geen verandering brengen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te 's-Gravenhage.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de naheffingsaanslag en boete wegens overschrijding van de vergunde grondwateronttrekking.