ECLI:NL:RBSGR:2009:BH2901
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde asielaanvraag op grond van interstatelijk vertrouwensbeginsel Dublin II Griekenland
Verzoeker, een Somalische vreemdeling, diende een herhaalde aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel, nadat een eerdere aanvraag was afgewezen op grond van de Dublin II-verordening die Griekenland als verantwoordelijke lidstaat aanmerkt.
Verzoeker voerde aan dat nieuwe feiten en omstandigheden, waaronder rapporten van Amnesty International, Human Rights Watch, ProAsyl en de Europese Commissie, en recente jurisprudentie, aantonen dat Griekenland zijn verdragsverplichtingen niet nakomt, waardoor het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet langer geldt.
De rechtbank oordeelt dat deze stukken algemene informatie bevatten en niet specifiek op verzoeker van toepassing zijn. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en het Europees Hof voor de Rechten van de Mens hebben eerder geoordeeld dat het vertrouwensbeginsel jegens Griekenland gehandhaafd blijft. Er is geen sprake van nieuwe feiten of bijzondere omstandigheden die een hernieuwde toetsing rechtvaardigen.
Daarom verklaart de voorzieningenrechter het beroep ongegrond en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Verzoeker kan hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de herhaalde asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.