ECLI:NL:RBSGR:2009:BH6372
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtmatigheid van vreemdelingenbewaring en zicht op uitzetting naar Sierra Leone
Eiser is in vreemdelingenbewaring gesteld en heeft meerdere keren beroep ingesteld tegen deze maatregel. De rechtbank heeft eerder geoordeeld dat de bewaring rechtmatig was. In dit beroep staat de vraag centraal of de bewaring sindsdien nog gerechtvaardigd is, mede gelet op het zicht op uitzetting naar Sierra Leone.
De rechtbank stelt vast dat de Sierra Leoonse autoriteiten laissez passers verstrekken voor uitzetting indien de vreemdeling geen bezwaar maakt tegen terugkeer. Het niet willen verklaren van geen bezwaar betekent niet dat er geen zicht op uitzetting is, aangezien actieve medewerking van de vreemdeling vereist is om het laissez passer te verkrijgen. De rechtbank volgt hierbij eerdere uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak.
Eiser betoogt dat hij niet wil terugkeren en dat het beleid van Sierra Leone hem daardoor uitsluit van uitzetting, waardoor de bewaring onrechtmatig is. Ook stelt hij dat verweerder onvoldoende voortvarendheid betracht bij uitzetting en dat een lichter middel dan bewaring had moeten worden toegepast. De rechtbank verwerpt deze stellingen en overweegt dat de bewaring ook dient om medewerking af te dwingen en dat de gevolgen van het niet meewerken voor rekening van eiser komen.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. De rechtbank bevestigt daarmee de rechtmatigheid van de voortgezette bewaring en het zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn.
Uitkomst: Het beroep tegen de voortgezette vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.