ECLI:NL:RBSGR:2009:BI8672
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om verblijfsvergunning voortgezet verblijf wegens onvoldoende bewijs van relatiebreuk door geweld
Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking 'voortgezet verblijf', welke door verweerder is afgewezen omdat zij niet heeft aangetoond dat het geweld binnen haar relatie heeft geleid tot de verbreking daarvan.
Eiseres stelde dat zij mishandeld werd door haar ex-partner en dat dit geweld heeft geleid tot het beëindigen van de relatie in juni 2005. Zij kon dit echter niet met concrete stukken onderbouwen, zoals een proces-verbaal van aangifte of een gedetailleerde verklaring van een vertrouwensarts. De verklaring van de huisarts uit 2006 vermeldde niet dat deze op eigen onderzoek bekend was met mishandelingen na juni 2004.
De rechtbank overwoog dat het beleid van verweerder een grote beoordelingsvrijheid toekent en dat het tijdsverloop tussen aangifte en relatiebreuk meegewogen mag worden. Omdat eiseres geen voldoende bewijs heeft geleverd dat het geweld heeft geleid tot de relatiebreuk, kon verweerder het besluit tot afwijzing in redelijkheid handhaven.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat het geweld heeft geleid tot de verbreking van de relatie.