ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ4930
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M. Vink
- M.M. Smorenburg
- T. van Rij
- Rechtspraak.nl
Navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2000 terecht opgelegd ondanks betwisting woonplaats en nieuw feit
Eiser betwistte de navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2000 en stelde dat hij in dat jaar in Curaçao woonde en dat de voordelen uit onroerende zaaktransacties niet aan hem, maar aan zijn vennootschap toekwamen. Verweerder stelde dat een nieuw feit uit een strafrechtelijk onderzoek navordering rechtvaardigde en dat eiser feitelijk in Nederland woonde.
De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende aannemelijk had gemaakt dat eiser in 2000 in Nederland woonde en niet duurzaam gescheiden leefde van zijn echtgenote. Eiser slaagde er niet in dit te weerleggen met concrete feiten of bewijs. Ook bleek uit het strafrechtelijk onderzoek dat de voordelen uit de transacties feitelijk door eiser persoonlijk waren genoten, ondanks het gebruik van de vennootschapsrekening.
De rechtbank verwierp het verweer dat de navorderingsaanslag onvoldoende was gemotiveerd en dat verweerder niet beschikte over een nieuw feit. Het strafrechtelijk onderzoek leverde een nieuw feit op dat rechtvaardigde navordering. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de navorderingsaanslag bevestigd.
De uitspraak werd gedaan door mr. J.M. Vink, mr. M.M. Smorenburg en mr. T. van Rij op 27 april 2009, na een zitting op 9 oktober 2008. Partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof te 's-Gravenhage.
Uitkomst: Het beroep tegen de navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2000 wordt ongegrond verklaard en de aanslag bevestigd.