ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ5751
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit buiten behandeling stellen verblijfsaanvraag wegens niet tijdige legesbetaling
Eiser diende op 6 oktober 2003 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met de beperking arbeid in loondienst. Verweerder stelde de aanvraag bij besluit van 7 januari 2004 buiten behandeling omdat eiser de verschuldigde leges niet had voldaan. Eiser maakte bezwaar en stelde beroep in tegen het besluit van 18 november 2008 waarin het bezwaar ongegrond werd verklaard.
De rechtbank oordeelt dat verweerder het besluit van 7 januari 2004 niet tijdig buiten behandeling heeft gesteld binnen de wettelijke termijn van vier weken na het verstrijken van de betalingstermijn, zoals voorgeschreven in artikel 4:5, vierde lid, van de Awb. Hierdoor is het besluit in strijd met de Awb genomen en dient het te worden vernietigd.
Aangezien eiser ook in de bezwaarfase geen leges heeft betaald, kan de aanvraag opnieuw buiten behandeling worden gesteld zonder dat een nieuwe termijn wordt gegund. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit, herroept het besluit van 7 januari 2004, stelt de aanvraag buiten behandeling en veroordeelt verweerder in de proceskosten van € 322,00. De uitspraak treedt in de plaats van het vernietigde besluit.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en de aanvraag wordt alsnog buiten behandeling gesteld met een proceskostenveroordeling.