ECLI:NL:RVS:2009:BI1553
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- P.A. Offers
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit buiten behandeling stellen verblijfsvergunning wegens onzorgvuldigheid
De vreemdeling diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, die door de staatssecretaris bij besluit van 23 maart 2007 buiten behandeling werd gesteld. De staatssecretaris verklaarde het bezwaar tegen dit besluit ongegrond. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond, waarna de vreemdeling hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelt dat het bestuursorgaan de aanvraag ten onrechte buiten behandeling heeft gesteld omdat in de brief van 8 maart 2007 niet uitdrukkelijk is gewezen op de consequenties van het niet aanvullen van de aanvraag binnen de gestelde termijn. Dit is in strijd met artikel 4:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en het rechtszekerheidsbeginsel.
De Afdeling vernietigt de uitspraak van de rechtbank en het besluit van de staatssecretaris, verklaart het beroep gegrond en gelast dat de staatssecretaris een nieuw besluit neemt waarbij de aanvraag inhoudelijk wordt beoordeeld. Tevens veroordeelt zij de staatssecretaris tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
De uitspraak benadrukt het belang van zorgvuldige communicatie door bestuursorganen en het waarborgen van goede procesorde in bestuursrechtelijke procedures.
Uitkomst: Het besluit om de aanvraag verblijfsvergunning buiten behandeling te stellen wordt vernietigd en de staatssecretaris dient een nieuw inhoudelijk besluit te nemen.