ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ6215
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.C.H.M. Lips
- G.J. Ebbeling
- J.W. van der Voort
- Rechtspraak.nl
Rechtbank bevestigt fiscale waardering earn-outvordering en behandelt bezwaar tegen navorderingsaanslag vennootschapsbelasting
Eiseres, houdster van certificaten van aandelen in een IT-bedrijf, verkocht haar deelneming waarbij de verkoopsom deels afhankelijk was van toekomstige winstgevendheid (earn-outregeling). De waardering van deze earn-outvordering was onderwerp van geschil tussen eiseres en de Belastingdienst.
De rechtbank stelde vast dat de deelnemingsvrijstelling niet van toepassing is op waardeveranderingen van de earn-outvordering na verkoop, conform het arrest van de Hoge Raad uit 1993. Eiseres had de earn-outvordering gewaardeerd op basis van optimistische groeiverwachtingen, maar had onvoldoende rekening gehouden met onzekerheden en risico's die in due diligence-rapporten waren vermeld.
De rechtbank verwierp de waardering van eiseres en ook de lagere waardering van verweerder, en stelde de waarde in goede justitie vast op het bedrag dat uiteindelijk door koper is betaald. Hierdoor werd het door eiseres opgegeven verlies op de earn-outvordering niet aanvaard. Het beroep tegen de navorderingsaanslag werd gegrond verklaard, de navorderingsaanslag vernietigd en verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten. Het beroep tegen de verliesbeschikking werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank stelde de waarde van de earn-outvordering vast op het door koper betaalde bedrag en verklaarde het beroep tegen de navorderingsaanslag gegrond, terwijl het beroep tegen de verliesbeschikking ongegrond werd verklaard.