ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ8167
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Naheffingsaanslag loonheffing en vergrijpboete opgelegd aan BV in oprichting wegens fictieve dienstbetrekking Poolse arbeidskrachten
Eiseres, een uitzendbureau in oprichting, kreeg een naheffingsaanslag loonbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd over de periode januari tot oktober 2004, vermeerderd met heffingsrente en een vergrijpboete. De naheffing betrof loonheffing over Poolse arbeidskrachten die zij als zelfstandigen zonder personeel (zzp-ers) had aangemerkt, terwijl de Belastingdienst dit als fictieve dienstbetrekking kwalificeerde.
De rechtbank stelde vast dat de naheffingsaanslag terecht aan de BV in oprichting kon worden opgelegd, ondanks de stelling van eiseres dat dit wettelijk niet mogelijk zou zijn. Verder oordeelde de rechtbank dat eiseres onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de Belastingdienst vertrouwen had gewekt dat de Poolse arbeidskrachten als zzp-ers zouden worden beschouwd. De toepassing van het anoniementarief was gerechtvaardigd omdat de identiteitsbewijzen van de werknemers niet tijdig in de administratie waren opgenomen.
De rechtbank achtte het opzet van eiseres aannemelijk omdat zij bewust onderscheid maakte tussen Duitse werknemers in loondienst en Poolse werknemers die zij als zzp-ers kwalificeerde, terwijl zij dezelfde werkzaamheden verrichtten onder gelijke omstandigheden. De vergrijpboete werd daarom bevestigd maar met 10% verminderd wegens overschrijding van de redelijke termijn. Het beroep werd gegrond verklaard alleen op dat punt, met vergoeding van het griffierecht aan eiseres.
Uitkomst: De naheffingsaanslag loonheffing is bevestigd en de vergrijpboete is verminderd tot €16.604 wegens overschrijding van de redelijke termijn.