ECLI:NL:RBSGR:2009:BK3693
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Gebruikelijk loon directeur-grootaandeelhouder in holding- en werkmaatschappij niet vastgesteld met afroommethode
Eiseres, een holdingvennootschap waarin de heer X alle aandelen houdt en die tevens 50% van de aandelen in een werkmaatschappij bezit, kreeg een naheffingsaanslag loonbelasting opgelegd omdat het door haar aan X betaalde loon volgens de Belastingdienst te laag zou zijn vastgesteld. De inspecteur had het loon verhoogd op basis van de managementvergoeding die eiseres van de werkmaatschappij ontving, verminderd met kosten en een winstopslag (afroommethode).
De rechtbank stelt vast dat het gebruikelijk loon per dienstbetrekking moet worden vastgesteld, waarbij het loon voor werkzaamheden voor de holding en de werkmaatschappij afzonderlijk beoordeeld moet worden. Voor de werkzaamheden voor de holding was het loon van circa € 500 per jaar passend gezien het beperkte tijdsbeslag. Voor de werkzaamheden voor de werkmaatschappij oordeelt de rechtbank dat de afroommethode niet toepasbaar is vanwege de houdster-/werkmaatschappijstructuur en dat het loon moet worden vergeleken met concrete vergelijkbare dienstbetrekkingen.
Eiseres heeft aannemelijk gemaakt dat het loon dat zij aan X betaalde niet in belangrijke mate afwijkt van het gebruikelijke loon voor soortgelijke dienstbetrekkingen zonder aanmerkelijk belang, mede omdat het loon hoger lag dan het salaris van een meewerkend voorman volgens de CAO bouwsector. De naheffingsaanslag wordt daarom vernietigd. De boetebeschikking wordt eveneens vernietigd omdat de inspecteur deze ter zitting heeft laten vallen. Tot slot veroordeelt de rechtbank de inspecteur in de proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De naheffingsaanslag en boetebeschikking worden vernietigd en het beroep van eiseres wordt gegrond verklaard.