ECLI:NL:RBSGR:2010:BL0866
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- H.C. Greeuw
- Rechtspraak.nl
Toekenning verblijfsvergunning aan meerderjarig gezinslid op grond van Pardonregeling
Eiseres, een Georgische nationaliteit houdende vrouw, verzocht om een verblijfsvergunning op grond van de Regeling afwikkeling nalatenschap oude Vreemdelingenwet. Verweerder weigerde dit omdat eiseres niet aannemelijk had gemaakt dat zij op 13 december 2006 op hetzelfde adres als haar moeder woonde en omdat zij niet voldeed aan de afhankelijkheidscriteria als meerderjarig gezinslid.
De rechtbank oordeelde dat verweerder zijn standpunt onvoldoende had gemotiveerd. De verklaring van de verhuurder, de burgemeestersverklaring en andere stukken ondersteunden het bewijs dat eiseres op het adres van haar moeder woonde. Tevens werd erkend dat eiseres in een lastige bewijspositie verkeerde vanwege haar onrechtmatige verblijf.
Verder concludeerde de rechtbank dat eiseres wel degelijk financieel afhankelijk was van haar moeder, ondanks haar eigen verklaring op de hoorzitting. De toekomstige wens om zelfstandig te wonen kon niet meewegen omdat de situatie per 13 december 2006 moest worden beoordeeld.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens strijd met artikel 7:12 Awb Pro en droeg verweerder op een nieuw besluit te nemen. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen omdat de hoofdzaak reeds werd beslist.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende motivering omtrent bewijs en afhankelijkheid.