ECLI:NL:RBSGR:2010:BL4442
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid verzet tegen dwangbevel invordering ouderbijdragen met formele rechtskracht
De zaak betreft het verzet van eiser tegen een dwangbevel van het LBIO tot invordering van ouderbijdragen die zijn vastgesteld bij beschikkingen van 30 januari 2001. Eiser betwist de verschuldigdheid van de bijdragen en stelt dat de vordering is verjaard en onredelijk is om na zes jaar nog te innen.
De rechtbank stelt vast dat de nieuwe bestuursrechtelijke regels over geldschulden niet van toepassing zijn omdat de beschikkingen dateren van vóór 1 juli 2009. De beschikkingen hebben formele rechtskracht gekregen omdat eiser destijds geen rechtsmiddelen heeft aangewend, waardoor de inhoud en rechtmatigheid ervan vaststaan.
Het verzet tegen het dwangbevel is ontvankelijk omdat de wet geen termijn aan het verzet verbindt en het dwangbevel een executoriale titel is met een verjaringstermijn van twintig jaar. De rechtbank oordeelt dat het LBIO al sinds 2003 bezig is met invordering en dat eiser geen redelijke gronden heeft aangevoerd om verdere invordering te weigeren.
Daarom wordt het verzet ongegrond verklaard en wordt eiser veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is gewezen door rechter Schippers en op 20 januari 2010 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het verzet tegen het dwangbevel wordt ongegrond verklaard en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.