ECLI:NL:RBSGR:2010:BL7327
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering inreisvisum familielid EU-burger wegens onvoldoende motivering afhankelijkheid
Eiseres, moeder van een Thaise vrouw die getrouwd is met een Nederlandse EU-burger (referent), verzocht om een inreisvisum om zich bij haar dochter en referent in Nederland te voegen. Verweerder wees de aanvraag af, stellende dat eiseres niet voldoende aantoonde dat zij ten laste was van haar dochter en referent en dat zij niet in Duitsland bij referent had verbleven, waardoor geen rechten aan de verblijfsrichtlijn konden worden ontleend.
De rechtbank oordeelt dat uit de overgelegde bankafschriften en verklaringen blijkt dat eiseres structureel financiële steun ontvangt van haar dochter en referent. Verweerder heeft onvoldoende onderbouwd waarom dit niet zou gelden, wat een motiveringsgebrek oplevert. Daarnaast is niet vereist dat eiseres in Duitsland heeft verbleven, zoals ook het beleid in de Vreemdelingencirculaire bevestigt.
De rechtbank stelt vast dat eiseres als familielid in de zin van artikel 8.7 van het Vreemdelingenbesluit rechten ontleent aan de verblijfsrichtlijn en dat verweerder het besluit in strijd met artikel 7:12 van Pro de Algemene wet bestuursrecht heeft genomen. Het besluit wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen binnen twee weken een nieuw besluit te nemen. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht wordt aan eiseres vergoed.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van het inreisvisum wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.