ECLI:NL:RBSGR:2010:BN8454
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering afgifte paspoort wegens verblijf in buitenland en ontbreken overeenstemming met Openbaar Ministerie
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen de weigering van de minister van Buitenlandse Zaken om hem een Nederlands paspoort te verstrekken. De weigering is gebaseerd op artikel 18 van Pro de Paspoortwet, omdat het Openbaar Ministerie een gegrond vermoeden heeft dat eiser zich door verblijf buiten Nederland aan vervolging zal onttrekken.
Eiser betoogt dat de minister ten onrechte niet voldoende is ingegaan op zijn bezwaren, dat hij niet tijdig is geïnformeerd over de gronden van het Openbaar Ministerie, en dat hij tevergeefs heeft geprobeerd overeenstemming te bereiken met de officier van justitie. Ook stelt hij dat de procedure te lang heeft geduurd, waardoor een schadevergoeding toekomt.
De rechtbank oordeelt dat het gegronde vermoeden terecht bestaat omdat eiser sinds 2006 in de Filippijnen woont en verstek heeft laten gaan in strafprocedures. Er is geen overeenstemming bereikt met het Openbaar Ministerie. De minister heeft de weigering van het paspoort in redelijkheid kunnen baseren op het belang dat eiser zich niet onbeperkt kan onttrekken aan vervolging. De procedure is niet onredelijk lang geweest en er is geen sprake van schending van motiverings- of zorgvuldigheidsbeginselen.
Daarom wordt het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van het paspoort wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.