ECLI:NL:RBSGR:2010:BN9606
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot toepassing wettelijke schuldsaneringsregeling wegens onvoldoende goede trouw
Verzoekers hebben een verzoek ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling vanwege een aanzienlijke schuldenlast, grotendeels ontstaan door de aankoop en financiering van meerdere panden in Duitsland. De rechtbank heeft vastgesteld dat verzoekers sinds 2006 in Nederland wonen en werken en dat zij het beheer over hun belangen naar Nederland hebben verplaatst, waardoor de rechtbank bevoegd is om het verzoek te behandelen.
De schulden zijn voornamelijk ontstaan tussen 1996 en 2002 en hebben geleid tot restschulden door onder andere gerechtelijke veilingen. Verzoekers hebben onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zij te goeder trouw zijn geweest bij het ontstaan en het onbetaald laten van deze schulden. Er is geen gedegen plan voor de omvangrijke economische activiteiten en verzoekers hebben onvoldoende inspanningen getoond om hun schulden te voldoen of de schade te beperken.
Daarnaast is de financiële administratie incompleet en onduidelijk, en verzoekster is niet verschenen bij de zitting, wat twijfels oproept over de bereidheid om de regeling na te komen. Gezien deze omstandigheden heeft de rechtbank het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid van goede trouw.