ECLI:NL:RBSGR:2010:BO3305
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ongewenstverklaring wegens onvoldoende aannemelijkheid Somalische nationaliteit
Eiser, van Somalische nationaliteit, werd door verweerder ongewenst verklaard op grond van criminele antecedenten en het ontbreken van een rechtmatig verblijf. Verweerder stelde dat eiser zijn nationaliteit niet aannemelijk had gemaakt, waardoor toetsing aan artikel 3 EVRM Pro achterwege bleef.
De rechtbank oordeelt dat verweerder onvoldoende onderzoek en motivering heeft verricht ten aanzien van de nationaliteit van eiser, mede gelet op de situatie in Somalië waardoor documenten moeilijk te verkrijgen zijn. Nieuw overgelegd bewijs, waaronder een paspoort van eisers vader en verklaringen van Somalische organisaties, werd onterecht niet of onvoldoende meegewogen.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen. Tevens wordt een voorlopige voorziening getroffen die de rechtsgevolgen van de ongewenstverklaring schorst totdat op het bezwaar is beslist. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot ongewenstverklaring wordt vernietigd wegens onvoldoende aannemelijkheid van de Somalische nationaliteit en de rechtsgevolgen worden geschorst totdat een nieuw besluit is genomen.