ECLI:NL:RBSGR:2010:BO5339
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.M. Janse van Mantgem
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking verblijfsvergunning wegens onvoldoende zwaarwegende vrees voor vervolging
Eiser diende op 9 mei 2007 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Na aanvankelijke verlening trok verweerder deze vergunning op 1 juli 2010 in, omdat de vrees voor vervolging onvoldoende zwaarwegend werd geacht en eiser niet voldeed aan het individualiseringsvereiste.
In beroep stelde eiser dat hij als lid van een sjiitische minderheid in een overwegend soennitische wijk bedreigd werd, waarbij twee van de vier sjiitische gezinnen in de wijk waren vermoord en bedreigingen op de muur nabij zijn woning waren aangebracht. De rechtbank oordeelde dat deze omstandigheden voldoende zwaarwegend waren en dat het bewijs van vervolging ook kan worden afgeleid uit wat anderen in een vergelijkbare positie is overkomen.
De rechtbank stelde vast dat verweerder ten onrechte had geoordeeld dat de problemen niet specifiek op eiser zagen en dat het individualiseringsvereiste niet was vervuld. Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen binnen zes weken. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van € 874,-.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot intrekking van de verblijfsvergunning wordt vernietigd.