ECLI:NL:RBSGR:2010:BO9280
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- M.Th. Nijhuis
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering opschorting vervangende hechtenis wegens betalingsonmacht ontnemingsmaatregel
Eiser is bij vonnis van de rechtbank Breda veroordeeld tot een ontnemingsmaatregel van ruim €24.900, te vervangen door 189 dagen hechtenis bij niet-betaling. Ondanks meerdere aanmaningen en verzoeken tot kwijtschelding of matiging, is de ontnemingsmaatregel niet voldaan. Het CJIB heeft diverse betalingsregelingen voorgesteld, die eiser niet kon nakomen. Na weigering van lagere betalingsvoorstellen en het uitblijven van betaling, is een arrestatiebevel uitgevaardigd en is eiser in hechtenis genomen.
Eiser vordert in kort geding opschorting van de hechtenis en onmiddellijke invrijheidstelling, stellende dat sprake is van betalingsonmacht en dat de vervangende hechtenis niet langer toepasbaar is sinds wetswijziging per 1 september 2003. De voorzieningenrechter oordeelt dat het vonnis en de vervangende hechtenis rechtsgeldig zijn, aangezien het vonnis vóór die datum onherroepelijk werd. Het CJIB heeft ruime beleidsvrijheid en heeft voldoende pogingen gedaan tot incasso en betalingsregelingen.
De rechter stelt vast dat eiser de geboden mogelijkheden niet tijdig heeft benut, dat het CJIB terecht geen verdere betalingsregelingen toestaat na uitvaardiging van het arrestatiebevel, en dat de detentie voor eigen risico van eiser komt. Ook medische klachten en persoonlijke omstandigheden bieden geen grond voor opschorting. De vordering wordt daarom afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot opschorting van de vervangende hechtenis wordt afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.